Reddingsboten

 Oscar Tybring, arts en plaatsgenoot van Colin Archer ontdekte tijdens een ochtendwandeling na een storm het wrak van een vissersboot. Geshockeerd door de gedachte dat een boot onopgemerkt kon vergaan op de onoverzichtelijke Noorse kust nam hij in de jaren 80 van de 19e eeuw het initiatief tot oprichting van de Noorse reddingsmaatschappij (NSSR). De kust heeft te weinig plaatsen om de in de rest van Europa gebruikelijke strandreddingsboten te kunnen lanceren. Bij de oprichting van de Noorse reddingsmaatschappij NSSR moest dus worden gekozen voor een ander concept. Colin Archer was als scheepsontwerper betrokken bij het moeizame proces dat tot dit concept leidde. Uiteindelijk werd gekozen voor een boot die permanent voor de kust patrouilleerde en meezeilde met de vissersvloot op zee. De eerste reddingsboten waren een verbeterde versie van Colin Archers loodsboten. Deze hadden hun diensten op zee inmiddels bewezen.

In 1892 organiseerde de NSSR een ontwerpwedstrijd voor een reddingsboot. Colin Archer was betrokken bij de organisatie en was zodoende uitgesloten van deelname. De commissie keurde de meeste ontwerpen af en ging door met een ontwerp van Lauritz Stephansen 'Stjernen'. Nadat Colin Archer het ontwerp op verzoek van de commissie wat had verbeterd werd 'Stjernen' veranderd in 'Liv'. Latere ontwerpen waren volledig van de hand van Colin Archer. Het prototype hiervan is RS1 'Colin Archer' uit 1893. Omdat de bouw van Liv vertraging opliep was het niet de eerste reddingsboot van de NSSR. Het schip kwam in 1894 klaar en kreeg het nummer RS5. In de loop der jaren is het ontwerp van RS1 een paar maal verbeterd. De laatste versie is de RS22 'Vardø' uit 1909. Emma is volgens de tekeningen van het Vardøtype gemaakt. De reddingsboten waren zeer succesvolle schepen die onder zware omstandigheden handzaam bleven. De schepen waren in staat met diverse vissersschepen op sleeptouw van de lager wal vrij te zeilen.

Het geheim van deze eigenschappen zit in het feit dat het schip zowel vormstabiel (grote relatieve breedte) als massastabiel (laag zwaartepunt) is. Dat maakt dat het schip ook bij harde wind een groot zeilend vermogen kan genereren. Gecombineerd met de toepassing van het golflijnprincipe gaf dit het schip de vereiste kwaliteiten. Er zijn verschillende incidenten bekend waarin het zelfrichtend vermogen van deze schepen is aangetoond.